Jo Van Deurzen
02:21
10-07-2019

Vlaams minister Jo Vandeurzen: ‘Vlaamse ouderen met zorgnood kunnen op twee oren slapen’

Vlaanderen beschikt over voldoende plaatsen voor wie nood heeft aan verblijf in een woonzorgcentrum of een centrum voor kortverblijf. Dat zegt Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Jo Vandeurzen (CD&V). Recent voegde hij een nieuwe golf woongelegenheden toe aan de residentiële ouderenzorg, bovenop de inhaalbeweging met tienduizend bijkomende plaatsen die de afgelopen legislatuur werden gecreëerd.

Vandeurzen creëerde ook extra capaciteit voor de uitbreiding van thuiszorgvoorzieningen en een betere financiering van de zorgzwaarte. De initiatiefnemers in de sector vernamen eind mei wie welke plaatsen wanneer kan realiseren. Zo kunnen ze nu concrete plannen maken. “Deze toekenning vertegenwoordigt een bijkomende investering van 162 miljoen euro voor de periode 2020-2025”, aldus de minister.

Voor de periode 2020-2025 beschikten initiatiefnemers in de Vlaamse residentiële ouderenzorg al over voorafgaande vergunningen om 7.307 plaatsen in woonzorgcentra en centra voor kortverblijf uit te breiden. “We hebben de initiatiefnemers, die over deze vergunningen beschikten, de kans geboden om alsnog een keuze te maken: ofwel realiseren ze daarmee bijkomende capaciteit in een woonzorgcentrum of een centrum voor kortverblijf, ofwel zetten ze de vergunningen om in een betere financiering van de zorg of in een thuiszorgvoorziening. Ze kregen de vraag om hun keuze ook af te toetsen bij actoren die actief zijn in eenzelfde eerstelijnszorgzone. Ze getuigden van een grote bereidheid om hierover met elkaar afspraken te maken zodat het aanbod meer op de lokale noden kan worden afgestemd.”

Residentieel aanbod tot 2025 gegarandeerd
Vlaanderen heeft in de periode 2014-2019 een eerder ongeziene aangroei van woongelegenheden in woonzorgcentra gerealiseerd en erkend. “Deze uitbreiding met bijna 10.000 woongelegenheden heeft de wachtlijsten voor deze woonzorgvorm vrijwel volledig doen verdwijnen. Met deze recentste investering komen daar voor de komende legislatuur nog eens meer dan 5.000 plaatsen bij in woonzorgcentra en centra voor kortverblijf. Die werden en worden zo veel mogelijk volgens de logische lokale zorg- en demografische noden ingevuld.”

Wanneer de capaciteit in woonzorgcentra en centra voor kortverblijf zoals gepland uitbreidt, zullen er in Vlaanderen maximaal 91.914 woongelegenheden beschikbaar zijn, legt Vandeurzen uit. “Momenteel werkt een wetenschappelijk team van het Steunpunt Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, onder leiding van professor Erik Schokkaert (KU Leuven) aan een prognosemodel voor de ouderenzorg in Vlaanderen. Voorlopige prognoses van dit voorspellingsmodel maken het aanneembaar dat als er in het jaar 2025 in Vlaanderen 91.914 woongelegenheden in woonzorgcentra en centra voor kortverblijf beschikbaar zijn, er een zo goed als dekkend aanbod is voor de verwachte vraag naar dit type van voorzieningen.”

Afscheid van de politiek
Vandeurzen, die als minister de voorbije tien jaar onafgebroken bevoegd was voor zorg, maakte voor de verkiezingen bekend dat hij geen politieke ambities meer heeft. Hij kwam nog wel op, als lijstduwer op de Limburgse CD&V-lijst en raakte ook verkozen. Maar hij neemt zijn nieuwe parlementaire mandaat niet op. Hij heeft wel een advies klaar voor zijn opvolger: “Het is belangrijk dat het meersporenbeleid dat we nu voeren wordt voortgezet en dat er ook verder wordt geïnvesteerd in de thuiszorg, zoals in de toename van het urencontingent gezinszorg.”

Palliatieve dagverzorgingscentra
De mogelijke omzetting van de voorafgaandelijke vergunningen in thuiszorgvoorzieningen biedt woonzorgcentra de kans om hun zorgaanbod beter af te stemmen op de lokale behoeften. Zo komen er bijvoorbeeld, naast de vijf bestaande palliatieve dagverzorgingscentra in Vlaanderen, drie nieuwe dergelijke centra bij, in Knokke-Heist, Dentergem en Roeselare.

In de maatschappij in het algemeen en in de woonzorgcentra neemt de aandacht voor een vroegtijdige zorgplanning, palliatieve zorg en levenseindezorg toe. Passend in hun kwaliteitsbeleid maken woonzorgcentra ethische vragen over palliatieve zorg en het levenseinde bespreekbaar en respecteren ze de keuze van de bewoner. Vandeurzen riep een werkgroep in het leven om hiervoor een referentiekader te ontwikkelen. “Dit kader moet bestuurders en leidinggevenden als leidraad dienen bij hun visie op een vroegtijdige zorgplanning, palliatieve- en levenseindezorg en bij het aanbieden van kwalitatief hoogwaardige en doelmatige zorg en ondersteuning aan de bewoners van hun woonzorgcentra. Het omschrijft de essentiële voorwaarden voor een kwalitatieve vroegtijdige zorgplanning, palliatieve zorg en levenseindezorg, inclusief de bijzondere aandacht voor de personen met dementie en voor de mantelzorger(s) en naasten van de bewoners. Dit referentiekader is een belangrijke stap vooruit in de kwaliteit en de verdere professionalisering van de ouderenzorg in Vlaanderen. De Vlaamse Zorginspectie zal een inspectieconcept uitwerken dat aansluit bij dit referentiekader”, licht de minister toe. 

Tekst: Koen Mortelmans
Beeld: Diego Franssens
Lees meer over: interview , Jo Vandeurzen

Bouwen aan de Zorg partners

OudorperzandStimulerende omgevingen